In 1980 was Nederland in de ban van een groots gifschandaal in Lekkerkerk. Proefontgravingen lieten een forse verontreiniging zien met kankerverwekkend stoffen en een directe bedreiging voor de bewoners van de wijk. Passend in het tijdsbeeld (steeds mondiger en beter geïnformeerde burgers, aandacht voor welzijn en milieu) besluit het Bestuurlijk Overleg direct handelend op te treden en de omgeving te saneren. De Heidemij stond vooraan bij deze operatie.

 Gebroken waterleiding

Begin jaren ’70 werd er gestart met de bouw van woonwijk Lekkerkerk-West. Bij het bouwrijp maken van het veenweidegebied werden de sloten tussen percelen opgevuld met bouw-, sloop- en huishoudelijk afval. Voor de toekomstige bewoners was het onbekend dat, naast het onschuldige afval, de sloten gevuld werden met chemische kankerverwekkend afvalstoffen die een directe bedreiging voor mens en milieu zijn. Op 15 september 1979 sprong er een hoofdwaterleiding wat in 1980 leidde tot de ontdekking van bodemverontreiniging. De waterleidingbuis brak doordat die aangetast was door de inwerking van agressieve chemische stoffen. De hele nieuwbouwwijk met 300 woningen bleek gebouwd op sterk verontreinigde grond en moest worden gesaneerd. De bewoners werden begin juni 1980 gedurende de sanering geëvacueerd en in noodwoningen en stacaravans ondergebracht.

Onderzoek naar vervuiling grond golfterrein in Alphen aan den Rijn met geigerteller.

Door Rob Croes voor Anefo, Nationaal Archief, Den Haag.

Samenwerking

De sanering werd door een samenwerking van veel organisaties opgepakt. De coördinatie voor de financiën lag op Rijksniveau; de techniek kwam op het bordje van Provinciale Waterstaat Zuid Holland. Voor de ontgraving werd een beroep gedaan op grondwerk-specialist/aannemer Mourik. Voor de analytisch-chemische en milieukundige begeleiding werden het RID, Heidemij en diverse externe laboratoria ingeschakeld. Ondanks de ingewikkelde organisatiestructuur werd er goed samengewerkt en werden er snel besluiten genomen en voortgang geboekt. Het was een van de eerste projecten (of beter gezegd, crisissituaties) waar uitstekend samengewerkt werd tussen overheden, commerciële instellingen en de burger. Iets wat vandaag de dag standaardprocedure is bij elk ruimtelijk project.

Opgegraven vaten met chemische stoffen. Door Hans van Dijk voor Anefo. Nationaal Archief, Den Haag.

Aanpak en rol Heidemij

De Heidemij leverde voor de ontgravingen twee analisten en een coördinator voor de monsterverwerking aan het RID dat de analytisch-chemische begeleiding verzorgde. Vijftien, zwaar beschermde, Heidemij medewerkers werden ingezet als deskundigen bij ontgraving van de vervuilde gronden en de sortering van het afval. In totaal is er 153.000 ton verontreinigde grond afgevoerd en zijn er 1651 vaten chemisch afval aangetroffen. Door het snelle handelen van zowel de bewonersvereniging als de betrokken instellingen is het gifschandaal wonder boven wonder grotendeels zonder grootschalige (gezondheid)schade verlopen.

Laatste afgraving in gifwijk van Lekkerkerk, graafmachines aan het werk. Door Marcel Antonisse voor Anefo. Nationaal Archief, Den Haag.

Maatschappelijke aandacht en wetgeving

Het Lekkerkerk-schandaal is een van de eerste instanties waar de Heidemij betrokken was als expert over bodemsanering en milieu. Tegenwoordig is dit vanzelfsprekend voor ons, maar in de jaren ’70 kwam deze discipline pas tot stand. De sanering vergrote de maatschappelijke aandacht en het versnelde de invoering van wetgeving rond bodemsanering en -bescherming. Al met al is het gifschandaal zonder grote incidenten tot een goed einde gebracht, mede door de Heidemij en positieve samenwerking tussen de betrokken partijen.

Bewonersprotest op een raam. Door Marcel Antonisse voor Anefo. Nationaal Archief, Den Haag.

 

Bekijk hier de aflevering van Andere Tijden over het gifschandaal in Lekkerkerk

Uw browser is verouderd

Update uw browser voor een optimale weergave. Nu updaten

×